Niemand krijgt spijt van geluk
~woorden zijn kleuren, wegwijzers, snaren, geuren en gevoelens. Complex, altijd nieuw en een onuitputtelijke bron van schoonheid ~
In de tijd dat ik veel gedichten maakte dacht ik wel eens na over de interactie tussen de dichter en de lezer. Het onzichtbare samenspel waarbij de woorden van de een, gevoelens en beelden oproepen bij de ander. Herlezen en zien wat er meer is, meer is dan er staat. Tot je eigen gevoel onder woorden lijken gebracht door een ander die jou niet kent. Of je meeneemt naar een plek waar je nooit van gedroomd hebt.
Dat vind ik de magie van taal. Ik denk dat het een gedicht was van Leo Vroman dat achter in de klas bij Nederlands hing. Het was 1980, ik zat in 2HD, vreemdeling tussen typische polderpubers.
Ik zie een banaan
Ik raak hem al aan
Maar voor ik hem pel
Krijgt hij kippenvel
Ik leg hem terug
Lijkt een niemendalletje voor een, voor de ander een enigmatisch gecodeerd bericht. Vol opgebouwde spanning, volledig open voor interpretatie.
Zo werd ik laatst geraakt door een liedje van Zoë en Snelle. Terwijl ik op ons terrasje zat, de gelakte nageltjes van mijn lief op schoot, uitkijkend over de zee. Als vanzelf neuriede en zong ik wat regels.
Zoë ken ik niet, maar het kind heeft een lieve stem. Snelle is een artiest die ik wel goed kan hebben. Echt een zanger, artiest, harde werker en podiumbeest die het publiek goed aan kan voelen. Werkt vaak samen met anderen en is gewoon een hele sympathieke gast. En dan klinkt op een pakkend stukje muziek deze tekst:
Ik zing, zing maar alsof je de tekst wel kent
Dans maar alsof je een danser bent
Fluit, ook al ken je niet meer dan de helft van de melodie
Het geeft niet
Speel, speel maar alsof je dat kind nog bent
Ren maar alsof je de weg al kent
Niemand krijgt spijt van geluk
Wat niet af hoeft kan niet stuk
Ik krijg daar gewoon regel voor regel natte ogen van. Lees nu eens echt wat er staat. Voel nu eens echt wat er staat. Doe je ogen dicht en wacht. Lees het nog een keer en laat de woorden naar binnen sijpelen.
Je zou iedereen wensen om zo te mogen leven, te mogen zijn. Het kind in jezelf behouden en wijs worden zonder je onschuld te verliezen. Ervaren zonder te beschadigen, verdriet zonder trauma, pijn zonder bitterheid. Vertrouwen zonder branie, zijn wie je bent. De onvolmaaktheid van het leven omarmen want ‘wat niet af hoeft kan niet stuk’.
Daarom hou ik van taal. Cijfers zijn heerlijk duidelijk, reflecteren de werkelijkheid zonder onnodige discussie. Al mijn hele leven zijn cijfers betrouwbare vrienden. Woorden zijn kleuren, wegwijzers, snaren, geuren en gevoelens. Complex, altijd nieuw en een onuitputtelijke bron van schoonheid.